In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 2 januari 2018 bevestigd. Het hof heeft een bewijsmiddel aangepast door een zin uit een proces-verbaal van verhoor van een getuige te verwijderen. Daarnaast heeft het hof een aanvullende motivering gegeven voor de oplegging van de ISD-maatregel.
Het hof heeft het advies van de reclassering en de recente informatie van de GZ-psycholoog betrokken bij haar oordeel. Gezien het ontbreken van adequate huisvesting en het ontbreken van mogelijkheden voor succesvolle ambulante hulpverlening, acht het hof de oplegging van de ISD-maatregel gerechtvaardigd. De verdediging heeft toegelicht dat de verdachte gemotiveerd is voor behandeling en meewerkt aan een psychologisch onderzoek.
Het hof heeft daarom bepaald dat het openbaar ministerie binnen zes maanden na het onherroepelijk worden van dit arrest de rechtbank zal berichten over de noodzaak van voortzetting van de ISD-maatregel, conform artikel 38s van het Wetboek van Strafrecht. De overige onderdelen van het vonnis blijven ongewijzigd.