ECLI:NL:GHAMS:2018:2060
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis en oplegging ISD-maatregel wegens recidive en niet-uitzetbaarheid
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 20 juni 2018 het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 29 december 2017. De verdachte werd beschuldigd van diefstal met geweld gepleegd op 2 september 2013. De raadsman voerde aan dat de verdachte niet herkenbaar was op de camerabeelden, maar het hof verwierp dit verweer op grond van de duidelijke herkenning door opsporingsambtenaren die de verdachte persoonlijk kenden.
Daarnaast heeft het hof een aanvullende motivering gegeven voor de oplegging van de ISD-maatregel. Hoewel in een eerdere uitspraak van januari 2018 onvoldoende informatie beschikbaar was om de maatregel op te leggen, bleek uit recente e-mails en rapportages dat de verdachte niet wil meewerken aan terugkeer naar Marokko en feitelijk niet uitzetbaar is. De reclassering adviseerde ongewijzigd de ISD-maatregel op te leggen vanwege het hoge recidiverisico.
Het hof stelde vast dat aan alle wettelijke voorwaarden voor de ISD-maatregel is voldaan: de verdachte heeft meerdere onherroepelijke veroordelingen voor vrijheidsbenemende straffen, de bewezen feiten zijn na eerdere straffen gepleegd en er is een ernstig risico op herhaling. De maatregel is noodzakelijk ter bescherming van de maatschappij en ter beëindiging van recidive.
Het hof bevestigt het vonnis van de rechtbank en legt de ISD-maatregel voor de duur van twee jaar op. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Het hof bevestigt het vonnis en legt een ISD-maatregel van twee jaar op wegens recidive en feitelijke niet-uitzetbaarheid.