ECLI:NL:GHAMS:2018:2157
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens bezit en verkoop van cocaïne en MDMA zonder oplegging straf
Het gerechtshof Amsterdam heeft in hoger beroep het vonnis van de politierechter vernietigd en een nieuwe beslissing genomen. De verdachte werd beschuldigd van het opzettelijk aanwezig hebben van ongeveer 4,21 gram cocaïne en 14,1 MDMA-pillen op 6 december 2015 te Amsterdam. Het hof achtte dit wettig en overtuigend bewezen, maar sprak verdachte vrij voor overige tenlasteleggingen.
De politierechter had de verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van één maand. De advocaat-generaal en de raadsman verzochten het hof om de verdachte schuldig te verklaren zonder strafoplegging, mede vanwege de onherroepelijke ISD-maatregel van twee jaar die de verdachte op 1 november 2017 kreeg opgelegd.
Het hof overwoog dat de feiten zich drie jaar eerder hadden voorgedaan en dat de strafrechtelijke maatregel reeds was getroffen. Gezien de aard van de feiten en de persoon van de verdachte achtte het hof het passend om geen straf of maatregel op te leggen. Tevens verklaarde het hof het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in twee vorderingen tot tenuitvoerlegging van eerdere voorwaardelijke straffen.
Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 2 juli 2018.
Uitkomst: Verdachte schuldig verklaard voor bezit cocaïne en MDMA, maar geen straf opgelegd vanwege eerdere ISD-maatregel.