ECLI:NL:GHAMS:2018:2322
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.L. Bruinsma
- J.H.C. van Ginhoven
- A. van Verseveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis wegens rijden onder invloed na aanrijding
In deze strafzaak heeft het gerechtshof Amsterdam het hoger beroep van verdachte behandeld tegen het vonnis van de politierechter van 6 juni 2017. De zaak betreft het rijden onder invloed van alcohol waarbij verdachte betrokken was bij een aanrijding met een bromfiets.
De verdachte verklaarde dat hij pas na de aanrijding alcoholhoudende drank had genuttigd. Het hof achtte deze verklaring niet aannemelijk omdat verdachte kort na de aanrijding op de openbare weg werd aangetroffen zonder dat er een fles of glasscherven werden gevonden. De verklaring dat de fles kapot zou zijn gegaan werd door het hof verworpen.
Op grond van de venapunctie die op 1 april 2016 om 21:00 uur werd afgenomen, en de overige bewijsmiddelen, concludeerde het hof dat verdachte de alcohol had genuttigd voordat hij als bestuurder bij de aanrijding betrokken raakte.
Het hof bevestigde het vonnis van de politierechter met aanvulling van de gronden voor de bewezenverklaring en verving de bewijsoverweging in het vonnis. Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 6 juli 2018.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat verdachte alcohol heeft genuttigd voordat hij betrokken raakte bij de aanrijding.