ECLI:NL:GHAMS:2018:2428
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis met wijziging bewijsoverweging en geen strafoplegging wegens proportionaliteitsovertreding
In hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis bevestigd behalve ten aanzien van de opgelegde geldboete en de beslissing op de vordering van de benadeelde partij. De bewijsoverweging is gewijzigd.
De verdachte gaf een fietser een harde duw nadat deze een trap tegen zijn stilstaande auto had gegeven en doorfietste. Het hof oordeelde dat de verdachte de grenzen van proportionaliteit overschreed en bewust de aanmerkelijke kans aanvaardde dat de fietser ten val zou komen en letsel zou oplopen. De verdachte had niet de intentie om letsel toe te brengen, maar wilde de fietser tot stilstand brengen.
Hoewel het feit bewezen is verklaard, heeft het hof besloten geen straf of maatregel op te leggen vanwege de omstandigheden en mede-aandeel van het slachtoffer in het conflict. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onevenredige belasting van het strafproces en moet bij de civiele rechter worden ingediend.
Uitkomst: Geen straf of maatregel opgelegd ondanks bewezen mishandeling; vordering benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard.