ECLI:NL:GHAMS:2018:3376
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs mishandeling en niet-ontvankelijkheid schadevordering
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 14 mei 2018 uitspraak gedaan in hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter van 5 juli 2017. De verdachte werd ervan beschuldigd op of omstreeks 29 mei 2014 te Amsterdam mishandeling te hebben gepleegd door het slachtoffer te slaan, te duwen en te trappen.
Na bestudering van het procesdossier en de behandeling ter terechtzitting heeft het hof geoordeeld dat het ten laste gelegde niet overtuigend is bewezen. Daarom vernietigt het hof het vonnis van de politierechter en spreekt de verdachte vrij van de tenlastelegging.
De benadeelde partij had een vordering tot schadevergoeding ingediend, die in eerste aanleg werd toegewezen. In hoger beroep heeft het hof deze vordering echter niet-ontvankelijk verklaard omdat de verdachte is vrijgesproken. De benadeelde partij wordt verwezen naar de burgerlijke rechter voor haar schadevordering.
Het hof bepaalt dat partijen ieder hun eigen kosten dragen. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, bestaande uit de rechters G. Oldekamp, M. Lolkema en M.B. de Wit.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs en de schadevordering wordt niet-ontvankelijk verklaard.