ECLI:NL:GHAMS:2018:3624
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toekenning huurrecht na echtscheiding aan man ondanks feitelijk alleen bewoning vrouw
Partijen zijn gehuwd in Eritrea in 2010 en hun huwelijk is ontbonden in 2018. Zij zijn contractueel medehuurders van een woning in Nederland, maar hebben nooit samen in die woning gewoond. Na het verbreken van hun relatie is alleen de man in de woning gaan wonen.
De rechtbank had bepaald dat de vrouw huurster van de woning zou zijn met ingang van de dag van inschrijving van de echtscheiding. De man kwam hiertegen in hoger beroep en verzocht het huurrecht aan hem toe te kennen. De vrouw voerde aan dat zij dakloos is, zwanger en weinig alternatieven heeft, terwijl de man economisch gebonden is aan de plaats vanwege werk en opleiding.
Het hof heeft de belangen van beide partijen zorgvuldig afgewogen. Hoewel de vrouw een groot belang heeft vanwege haar situatie, weegt het belang van de man zwaarder omdat hij de woning feitelijk gebruikt, economisch aan de plaats gebonden is en de vrouw meer mogelijkheden heeft elders woonruimte te vinden. Daarom vernietigt het hof het eerdere besluit en kent het het huurrecht toe aan de man.
Uitkomst: Het huurrecht van de woning wordt toegewezen aan de man met ingang van de datum van de beschikking.