ECLI:NL:GHAMS:2018:3938
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot schorsing voorlopige hechtenis wegens ontbreken verblijfplaats
Het Gerechtshof Amsterdam behandelde het verzoek van de verdachte tot schorsing van zijn voorlopige hechtenis. De verdachte was gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting Veenhuizen en had geen goedgekeurde verblijfplaats voor verlof tijdens detentie.
Het hof nam kennis van het vonnis van de rechtbank Noord-Holland en de stukken omtrent de voorlopige hechtenis. Tijdens de raadkamerzitting op 24 oktober 2018 werden de advocaat-generaal en de raadsvrouw van de verdachte gehoord.
Het hof overwoog dat de feiten zeer ernstig zijn en de rechtsorde geschokt is. Het feit dat er inmiddels een veroordelend vonnis is, versterkt dit. Een schorsing van de voorlopige hechtenis is alleen mogelijk bij zeer bijzondere persoonlijke omstandigheden, waarvan in dit geval geen sprake was.
De enkele uitkomst van de Pro Justitia-rapportage en het ontbreken van een aanvaardbare verblijfplaats voor verlof zijn onvoldoende redenen voor schorsing. Het verzoek tot schorsing werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis van de verdachte is afgewezen.