ECLI:NL:GHAMS:2018:4012
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek vader tot eenhoofdig of gezamenlijk gezag over ernstig ziek kind
De vader is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de rechtbank die zijn verzoek tot eenhoofdig gezag over zijn ernstig zieke kind, dat bij pleegouders woont, heeft afgewezen. De moeder is geschorst en het gezag is aan een gecertificeerde instelling (GI) toevertrouwd.
De vader wenst meer betrokkenheid en informatie over medische zaken zonder zeggenschap te claimen, maar de GI en pleegouders vrezen dat het toekennen van gezag aan de vader de intensieve zorg en stabiliteit voor het kind in gevaar brengt. De pleegouders benadrukken de kwetsbaarheid van het kind en de zware zorglast.
Het hof overweegt dat gezag meer inhoudt dan informatie en dat de vader de ernst van de situatie onderschat. Gezien de intensieve zorg en het belang van het kind acht het hof gegronde vrees dat het toekennen van gezag aan de vader de belangen van het kind zou schaden. Het subsidiaire verzoek tot gezamenlijk gezag met de GI wordt eveneens afgewezen vanwege wettelijke beperkingen.
Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en wijst het verzoek van de vader af.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de vader tot eenhoofdig of gezamenlijk gezag af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank.