ECLI:NL:GHAMS:2018:459
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen verlenging gevangenhouding wegens ernstige bezwaren
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 7 februari 2018 in raadkamer uitspraak gedaan over het hoger beroep van verdachte tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam van 22 januari 2018, waarin de verlenging van zijn voorlopige hechtenis werd bevolen.
Het hof heeft de stukken betreffende de voorlopige hechtenis van verdachte bestudeerd en gehoord zowel de advocaat-generaal als de verdachte, die werd bijgestaan door zijn raadsman. Het hof sluit zich aan bij de motivering van de rechter-commissaris en neemt het oordeel over dat er ernstige bezwaren bestaan tegen verdachte.
Daarnaast is uit de justitiële documentatie gebleken dat verdachte betrokken is bij vermogensdelicten en dat hij ten tijde van het feit nog in proeftijd was wegens een eerdere veroordeling voor zakkenrollerij. Gezien deze omstandigheden is artikel 67a, derde lid, Sv niet van toepassing. Daarom wijst het hof het hoger beroep af en bevestigt de verlenging van de voorlopige hechtenis.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en bevestigt de verlenging van de voorlopige hechtenis.