Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.KONINKLIJKE [X] SCHEEPSBOUW B.V.,
2. [X] SCHEEPSBOUW MAKKUM B.V.,
1.Het geding in hoger beroep
Op zitting heeft BYM verzocht producties in het geding te mogen brengen, die op voorhand tijdig waren toegezonden. Het betreft een tweetal video-opnames met bijbehorende transcripties van gesprekken die (de hierna te noemen) [A] en [B] hebben gevoerd op 1 en 16 mei 2018.
[X] c.s. hebben daartegen bezwaar gemaakt. Volgens hen hadden de producties eerder kunnen en moeten worden ingediend, aangezien BYM reeds lang bekend is met de visie van [B] . BYM heeft niet aangeboden [B] als getuige te laten horen. Het is dan in strijd met de goede procesorde deze producties te elfder ure nog in het geding te brengen.
Het hof heeft na een korte schorsing beslist de producties toe te laten. Indiening bij memorie van grieven was niet mogelijk omdat de opgenomen gesprekken dateren van mei 2018. De aard en de omvang van de producties vormen geen beletsel om daarvan binnen de beschikbare tijd kennis te nemen en daarop ter zitting adequaat te reageren, zodat van strijd met de goede procesorde geen sprake is.
2.Feiten
The gentlemen [A] (…) and [B] (…) (captain of “Romance”) that were in charge of collecting the documentation, accomplished their tasks; thanking them we agreed that, in the future, they will not be part of the deal anymore. (…)”
The shipowner specified to me that Mr. [A] and Mr. [B] are already informed that they will keep representing respectly the figures of the agent of “My Romance”, and captain of “My Romance”, and will not act as intermediaries in the new boat purchase deal.
How specified in the last mail, they have collected the documentation and took some appointments, please be aware that this will not happen anymore. (…)”