ECLI:NL:GHAMS:2019:1794

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
16 mei 2019
Publicatiedatum
29 mei 2019
Zaaknummer
23-003084-18
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 lid 2 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verdachte niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep wegens ontbreken grieven

In deze strafzaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 16 mei 2019 uitspraak gedaan over de ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter van 3 september 2018. De verdachte heeft geen schriftelijke grieven ingediend en ook mondeling geen bezwaren tegen het vonnis geuit. Daarnaast is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat een onderzoek in hoger beroep rechtvaardigt.

Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering heeft het hof de verdachte daarom niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Het vonnis is gewezen door mr. A.M. van Woensel, in aanwezigheid van de griffier mr. S. Bonset.

Deze beslissing betekent dat het hoger beroep niet inhoudelijk wordt behandeld en het vonnis van de politierechter in stand blijft. De procedure wordt hiermee beëindigd zonder inhoudelijke beoordeling van de zaak.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven en een rechtens te respecteren belang.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer(s) eerste aanleg : 96-032592-18 en 21-002606-14 (TUL)
parketnummer hoger beroep : 23-003084-18
VERSTEK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 16 mei 2019 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 3 september 2018 in de zaak tegen de verdachte:
[verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1990 te [geboorteplaats]
adres: [adres].

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Door of namens de verdachte is geen schriftuur houdende grieven ingediend. Evenmin zijn mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Ook overigens is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak. Om die reden wordt de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het ingestelde hoger beroep, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Gewezen door mr. A.M. van Woensel, in bijzijn van mr. S. Bonset, griffier.
mr. A.M. van Woensel