ECLI:NL:GHAMS:2019:1858

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
16 april 2019
Publicatiedatum
13 juni 2019
Zaaknummer
23-002836-18
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Inwilliging aanhoudingsverzoek wegens voorhanden hebben van een nepwapen

Op 16 april 2019 vond de terechtzitting plaats bij het Gerechtshof Amsterdam in een strafzaak waarin de verdachte werd verdacht van het voorhanden hebben van een nepwapen.

De raadsman van de verdachte was verhinderd en verzocht via e-mail om aanhouding van de zaak, wat door het hof werd overwogen. De verdachte was aanwezig en gaf aan bijstand te willen van zijn raadsman.

Het openbaar ministerie verzette zich niet tegen het verzoek tot aanhouding, mede vanwege het korte tijdsbestek voor de verdachte om een raadsman te raadplegen.

Het hof besloot het onderzoek te schorsen voor onbepaalde tijd en een nieuwe zitting te plannen waarbij zowel de verdachte als zijn raadsman worden opgeroepen. De zaak is daarmee aangehouden.

Uitkomst: Het onderzoek is geschorst en de zaak aangehouden voor onbepaalde tijd met een nieuwe zitting te bepalen.

Uitspraak

Proces-verbaal van de in het openbaar gehouden terechtzitting van de meervoudige strafkamer van dit gerechtshof op 16 april 2019.
Tegenwoordig zijn:
mr. A.M.P. Geelhoed, voorzitter,
mr. M.F.J.M. de Werd en mr. M.J.A. Duker, leden,
C.N. Aalders, griffier.
Het openbaar ministerie wordt vertegenwoordigd door mr. D. Benammar, advocaat-generaal.
De voorzitter doet de zaak tegen de hierna te noemen verdachte uitroepen.
De verdachte, ter terechtzitting verschenen, antwoordt op vragen van de voorzitter te zijn:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1992,
adres: [adres].
De raadsman van de verdachte, mr. J.M.J.H. Coumans, advocaat te Amsterdam, is niet ter terechtzitting verschenen.
De voorzitter vermaant de verdachte oplettend te zijn op hetgeen hij zal horen en wijst erop dat hij niet tot antwoorden verplicht is.
De voorzitter maakt melding van een e-mailbericht van 12 april 2019 van de raadsman, waarin hij wegens verhindering om aanhouding verzoekt.
De verdachte verklaart dat hij door mr. Coumans wil worden bijgestaan.
De advocaat generaal, in de gelegenheid gesteld zijn standpunt omtrent het verzoek tot aanhouding naar voren te brengen, deelt mede:
Ik verzet mij niet tegen aanhouding van de zaak, mede gelet op het korte tijdsbestek dat de verdachte had om een raadsman te raadplegen. De akte van uitreiking is immers pas op 4 april 2019 per griffie ondertekend.
De voorzitter deelt na beraad vervolgens als beslissing van het hof mede dat het onderzoek wordt geschorst voor onbepaalde tijd, met bevel tot oproeping van de verdachte en zijn raadsman tegen de dag en het tijdstip van de nader te bepalen terechtzitting.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzitter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.
Noot: Voor de behandeling van onderhavige zaak op de volgende zitting dienen 30
minutente worden gereserveerd.