ECLI:NL:GHAMS:2019:2261
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beëindiging ouderlijk gezag over jonge kinderen en beoordeling omgangs- en informatieregeling
De moeder en vader zijn in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam die het ouderlijk gezag over hun jonge kinderen [kind A] en [kind B] heeft beëindigd en de gecertificeerde instelling (GI) heeft belast met de voogdij. De kinderen zijn sinds hun geboorte grotendeels uit huis geplaatst vanwege ernstige bedreigingen van hun ontwikkeling, waaronder huiselijk geweld, detentie van de moeder en een onveilige thuissituatie.
De ouders betwisten de beëindiging van het gezag en verzoeken om een deskundigenonderzoek en een omgangs- en informatieregeling. Het hof overweegt dat de ouders niet binnen een aanvaardbare termijn de verantwoordelijkheid voor verzorging en opvoeding kunnen dragen. De kinderen zijn veilig gehecht aan hun pleegouders en het belang van continuïteit en stabiliteit weegt zwaarder dan het belang van de ouders.
Het hof wijst het verzoek tot deskundigenonderzoek af en bekrachtigt de beschikking tot beëindiging van het gezag. Tevens wijst het hof het verzoek van de moeder tot een omgangsregeling en een uitgebreidere informatieregeling af, omdat de huidige regeling redelijk is en een nadere invulling van de omgangsregeling in het belang van de kinderen wordt voorbereid door de GI en Altra.
De ouders behouden het recht op informatie en contact met de kinderen, maar het belang van de kinderen bij een veilige en stabiele opvoedingssituatie staat voorop.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van het ouderlijk gezag over de kinderen en wijst de verzoeken tot omgangs- en informatieregeling af.