In deze strafzaak heeft het gerechtshof Amsterdam het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de politierechter te Noord-Holland van 14 juni 2018. De verdachte, zonder bekende woon- of verblijfplaats, was in eerste aanleg veroordeeld. Het hof heeft het hoger beroep onderzocht op de terechtzitting van 17 juni 2019.
De advocaat-generaal vorderde bevestiging van het vonnis. Het hof stemde toe en bevestigde het vonnis, met twee aanpassingen: het woord 'opzettelijk' werd uit de kwalificatie geschrapt en in de weergave van een bewijsmiddel werd een nummer toegevoegd aan de beschrijving van een Bulgaarse identiteitskaart.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarbij slechts één rechter aanwezig was om het arrest mede te ondertekenen. De uitspraak vond plaats op 1 juli 2019 en het arrest werd in het openbaar uitgesproken.