In deze zaak stond de verdachte terecht voor een overtreding van artikel 62, bord A1 van bijlage I, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, gepleegd op 21 juni 2018 te Schiphol-Rijk. De kantonrechter in Haarlem had de verdachte hiervoor veroordeeld, maar het gerechtshof Amsterdam heeft bij hoger beroep het vonnis vernietigd en zelf een nieuwe uitspraak gedaan.
Het hof heeft de verdachte veroordeeld tot een geldboete van €750,00, waarvan bij niet-betaling een hechtenis van vijftien dagen zal volgen. Daarnaast is de verdachte ontzegd de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van vier maanden. Deze ontzegging is echter onder voorwaarden gesteld: de bijkomende straf zal niet ten uitvoer worden gelegd tenzij de verdachte zich binnen een proeftijd schuldig maakt aan een strafbaar feit.
De uitspraak is gebaseerd op de overtreding van de verkeersregels zoals vastgelegd in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en de Wegenverkeerswet 1994. De strafrechtelijke bepalingen uit het Wetboek van Strafrecht zijn eveneens toegepast. Het vonnis is gewezen door rechter G. Oldekamp, in aanwezigheid van griffier C.N. Aalders.