Uitspraak
De feiten en de rechtsgang
.Het hof heeft voorts kennisgenomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en het vonnis van de rechtbank Noord-Holland locatie Haarlem van 7 november 2017.
Gerechtshof Amsterdam
Het gerechtshof Amsterdam behandelde op 11 september 2019 het verzoek van verdachte tot schorsing van zijn voorlopige hechtenis. Verdachte was reeds veroordeeld tot zeven jaar gevangenisstraf door de rechtbank Noord-Holland. Het hof nam kennis van het dossier en hoorde de advocaat-generaal en verdachte.
Het hof overwoog dat de feiten zeer ernstig zijn en de rechtsorde geschokt is. De veroordeling versterkt deze overweging. Het dossier bevat ernstige bezwaren tegen de verdachte, wat een rol van niet ondergeschikte aard impliceert. Schorsing van voorlopige hechtenis kan alleen bij zeer bijzondere persoonlijke omstandigheden, welke in deze zaak niet zijn gebleken.
Hoewel de reclassering plannen heeft voor de verdachte en de inhoudelijke behandeling lange tijd op zich laat wachten, acht het hof deze omstandigheden onvoldoende om schorsing te rechtvaardigen. Het verzoek tot schorsing werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis wordt afgewezen vanwege ernstige feiten en het ontbreken van bijzondere persoonlijke omstandigheden.