ECLI:NL:GHAMS:2019:4111
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voorlopige hechtenis wegens invoer harddrugs via Schiphol met recidivegevaar
In deze zaak is het hoger beroep behandeld tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland die een bevel tot gevangenhouding van verdachte bevatte wegens invoer van harddrugs via Schiphol. Het hof heeft de stukken bestudeerd, de advocaat-generaal en verdachte gehoord, en een mondeling schorsingsverzoek van de raadsman behandeld.
Het hof stelt vast dat het invoeren van harddrugs via een internationale luchthaven een feit is dat de rechtsorde schokt vanwege de maatschappelijke ontwrichting en gezondheidsrisico's. Gezien de ernst van het feit, de geraffineerde wijze van verstoppen van de drugs en eerdere veroordelingen van verdachte voor soortgelijke feiten uit financiële motieven, is er sprake van gevaar voor recidive.
Het schorsingsverzoek wordt afgewezen omdat er geen zeer bijzondere persoonlijke omstandigheden zijn die een schorsing rechtvaardigen, terwijl het feit zeer ernstig is en de rechtsorde geschokt blijft. De grond van vluchtgevaar wordt door het hof niet aangenomen.
De beschikking van de rechtbank wordt bevestigd voor zover het oordeel van het hof betreft, met uitzondering van het vervallen van de grond vluchtgevaar. Het hof wijst het beroep en het schorsingsverzoek af en handhaaft de voorlopige hechtenis van verdachte.
Uitkomst: Het hof bevestigt de voorlopige hechtenis van verdachte wegens invoer van harddrugs en wijst het schorsingsverzoek af.