ECLI:NL:GHAMS:2019:4567
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging gevangenisstraf voor meineed en aanzetten tot meineed
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 1 november 2019 het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 13 september 2018. De verdachte werd verdacht van meineed en het aanzetten tot meineed. Tijdens de terechtzitting in hoger beroep heeft de raadsman van de verdachte verzocht om, rekening houdend met persoonlijke omstandigheden, een taakstraf op te leggen in plaats van gevangenisstraf.
Het hof heeft het vonnis van de rechtbank bevestigd en het strafmaatverweer besproken. Het hof sluit zich aan bij de advocaat-generaal en ziet geen aanleiding om af te wijken van de gebruikelijke strafmaat van drie maanden gevangenisstraf die bij meineed wordt opgelegd, zoals vermeld in de Oriëntatiepunten voor Straftoemeting van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht.
De uitspraak is gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarbij alleen mr. M.W. Groenendijk het arrest heeft ondertekend, aangezien mr. A.J. Wolfs en mr. J.W.H.G. Loyson daartoe niet in staat waren. De straf blijft ongewijzigd en de gevangenisstraf van drie maanden wordt gehandhaafd.
Uitkomst: Gevangenisstraf van drie maanden voor meineed en aanzetten tot meineed bevestigd.