ECLI:NL:GHAMS:2019:513
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep en schorsingsverzoek voorlopige hechtenis wegens vlucht- en recidivegevaar
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam tot voorlopige hechtenis van verdachte. Verdachte, een Britse burger zonder vaste verblijfplaats in Nederland, werd aangehouden op Schiphol terwijl zij op het punt stond Nederland te verlaten. Het hof bevestigde de gronden van de rechtbank, met uitzondering van de onderzoeksgrond die vervalt.
Het hof achtte ernstige bezwaren aanwezig voor de feiten waarvoor de voorlopige hechtenis is bevolen en voegde vluchtgevaar toe als grond. Gezien de naderende Brexit is onzeker of verdachte nog traceerbaar of beschikbaar zal zijn voor de Nederlandse justitie bij vertrek naar het Verenigd Koninkrijk. Daarnaast is er sprake van recidivegevaar omdat verdachte zich in korte tijd schuldig zou hebben gemaakt aan een reeks lucratieve delicten.
Hoewel verdachte spijt betuigde, kon zij niet verklaren waarom zij toch handelde zoals zij deed. Het hof vond geen reden om de voorlopige hechtenis te schorsen en wees zowel het hoger beroep als het schorsingsverzoek af. De beschikking werd gegeven door de raadkamer van het hof op 13 februari 2019.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af wegens vlucht- en recidivegevaar.