ECLI:NL:GHAMS:2019:63
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- H.A. van den Berg
- T.A.M. Tijhuis
- J.A. van Keulen
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging ondertoezichtstelling minderjarige ondanks verzet moeder
Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 8 januari 2019 de beschikking van de rechtbank Amsterdam van 5 juli 2018 bekrachtigd waarbij een minderjarige onder toezicht is gesteld van een gecertificeerde instelling. De moeder was in hoger beroep gekomen tegen deze beschikking en verzocht tevens om schorsing van de uitvoerbaarheid bij voorraad.
De zaak betreft een minderjarige die verblijft bij de moeder, die weigert medewerking te verlenen aan statusvoorlichting over de biologische vader en omgang met hem. De vader heeft sinds januari 2016 geen contact meer met het kind. De Raad voor de Kinderbescherming heeft geadviseerd dat contact opgestart moet worden en dat statusvoorlichting noodzakelijk is voor de identiteitsontwikkeling van het kind.
De moeder betoogde dat het kind te jong is voor statusvoorlichting en dat de thuissituatie bij de vader onveilig is. Het hof overwoog dat het kind oud genoeg is voor statusvoorlichting en dat het belang van het kind bij contact met de biologische vader zwaarder weegt dan de bezwaren van de moeder. De moeder weigert hulpverlening en omgangsbegeleiding, waardoor het hof oordeelde dat de ondertoezichtstelling noodzakelijk is.
Het hof wees het schorsingsverzoek af en compenseerde de proceskosten, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. De beschikking is gegeven door drie rechters en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling van de minderjarige wordt bekrachtigd en het schorsingsverzoek van de moeder wordt afgewezen.