Uitspraak
De feiten en de rechtsgang
.Het hof heeft voorts kennisgenomen van de stukken betrekking hebbend op de
Gerechtshof Amsterdam
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis van de verdachte, die momenteel verblijft in de penitentiaire inrichting Zuyderbos te Heerhugowaard. De raadsman van de verdachte stelde dat de verdachte niet de benodigde medische hulp ontvangt, met name fysiotherapeutische zorg die alleen buiten detentie mogelijk zou zijn.
Het hof heeft echter vastgesteld dat er geen medische gronden zijn om de verdachte als detentieongeschikt aan te merken. Er ontbrak een onderbouwing van de stelling over de noodzakelijke fysiotherapeutische zorg, zoals een medisch attest van een orthopeed of fysiotherapeut. Daarnaast bevestigde het Hoofd Zorg van de inrichting dat de verdachte de benodigde medische begeleiding ontvangt.
Gezien deze omstandigheden weegt het belang van de verdachte bij schorsing niet op tegen het maatschappelijk belang om recidive te voorkomen. Daarom wees het hof het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af. De beschikking werd gegeven in raadkamer op 6 maart 2019 door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis wordt afgewezen wegens ontbreken van medische gronden.