ECLI:NL:GHAMS:2019:887
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- M.F.G.H. Beckers
- J. Jonkers
- T. Tijhuis
- Rechtspraak.nl
Wijziging kinderbijdrage na wijziging hoofdverblijf en overeenkomst partijen
Partijen zijn gescheiden en hebben gezamenlijk gezag over hun minderjarige kind. In de echtscheidingsbeschikking van 9 augustus 2011 werd een kinderbijdrage van €350 per maand vastgesteld, geïndexeerd tot €392,70 vanaf 2019. De man betwistte deze hoogte en stelde dat partijen in 2012 mondeling een lagere bijdrage van €100 per maand zijn overeengekomen, welke hij sindsdien heeft betaald zonder protest van de vrouw.
De vrouw heeft dit in eerste aanleg betwist, maar in hoger beroep geen verweer gevoerd. Het hof acht de mondelinge overeenkomst en de langdurige betaling door de man voldoende bewezen. Tevens is vastgesteld dat het hoofdverblijf van het kind sinds 1 december 2018 bij de man is, waarna partijen geen kinderbijdrage meer verschuldigd zijn.
Het hof vernietigt de eerdere beschikking en bepaalt dat de kinderbijdrage vanaf 1 augustus 2012 €100 per maand bedraagt en vanaf 1 december 2018 nihil. Van terugbetaling van teveel betaalde bedragen wordt afgezien vanwege de financiële situatie van de vrouw en haar gezinssituatie.
Uitkomst: De kinderbijdrage wordt met terugwerkende kracht vastgesteld op €100 per maand vanaf augustus 2012 en op nihil vanaf 1 december 2018.