ECLI:NL:GHAMS:2020:1800
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken bewijs kennis ongeldig verklaard rijbewijs
De verdachte werd verdacht van het besturen van een motorrijtuig op 24 juni 2015 terwijl zijn rijbewijs ongeldig was verklaard. Het hof heeft het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de politierechter dat de verdachte schuldig achtte.
De advocaat-generaal vorderde een voorwaardelijke gevangenisstraf, stellende dat de verdachte op de hoogte was van de ongeldigverklaring, onder meer omdat hij op 22 april 2015 was gewaarschuwd. De verdediging betoogde dat de verdachte niet kon weten dat het rijbewijs ongeldig was, omdat het besluit ongeldigverklaring naar een adres was gestuurd waar verdachte niet meer woonde en hij een sepotbrief had ontvangen.
Het hof oordeelde dat niet is gebleken dat de verdachte de aangetekende brief van het CBR heeft ontvangen en dat de enkele mededeling van de politie en de sepotbrief niet voldoende bewijs vormen dat verdachte wist of redelijkerwijs had moeten weten dat zijn rijbewijs ongeldig was. Daarom werd het vonnis vernietigd en verdachte vrijgesproken.
Het hof wees het verweer van niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie af, omdat het achterwege blijven van voortvarendheid bij betekening niet leidde tot belangenverlies voor verdachte. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige strafkamer op 19 juni 2020.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken bewijs dat hij wist dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard.