Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
- akte van de zijde van [appellant] houdende deponering DVD met film- en geluidsopnames;
- memorie van grieven, met producties;
- memorie van antwoord, met producties.
2.Feiten
7.Bepalen van de vergoedingBij overeenkomsten worden verschuldigde prijzen vastgesteld op basis van de oppervlakte en de volgende categorie indeling:
(bedrag, hof)uit te betalen voor het gebruik van uw repertoire in
(jaartal, hof)bij enkele toeristische attracties in de Efteling (
naam attracties, hof).”
Looking forward to receive your confirmation in which GEMA distribution we can expect to receive the revenues for these titles. (…)
Daarnaast heeft Buma op 2 oktober 2017 een correctie doorgevoerd met betrekking tot de vergoeding aan [appellant] ter zake het muziekgebruik in de Efteling in de jaren 2011 tot en met 2014 ten bedrage van € 465,47.
3.Beoordeling
uitsluitendziet op de daaronder expliciet vermelde soorten van muziekgebruik, daarbij niet het muziekgebruik door themaparken is genoemd en bovendien, in de folder van 2011, is vermeld dat alle overige exploitatie mechanische achtergrondmuziek valt onder categorie A. Gelet hierop kan aan [appellant] worden toegegeven dat de tarieftekst in de folder TMA letterlijk volgend hier het tarief voor categorie A van toepassing zou moeten zijn, welk tarief grofweg het dubbele bedraagt van het tarief voor categorie B. Anderzijds is het hof met de rechtbank van oordeel dat de door Buma gemaakte vergelijking en overeenkomstige toepassing van het tarief voor muziekgebruik in ‘wachtruimten zonder horecavoorziening’ (genoemd onder categorie B) te billijken valt. Met betrekking tot de wijze van berekening van het aantal vierkante meter bij de looppaden is wel aansluiting gezocht bij categorie A, althans (uitsluitend) wat betreft de wijze van berekening voor muziek langs de gevels. Om de oppervlakte te bepalen wordt daar de totale lengte vermenigvuldigd met een factor 3. [appellant] acht de toepassing van deze berekeningswijze voor de looppaden niet passend, omdat bij een gevel de muziek maar van één kant komt en bij de looppaden van beide kanten, zodat voor beide zijden van de paden had moeten worden afgerekend, welk standpunt op zichzelf niet onredelijk voorkomt. Gelet op het voorafgaande kan het hof [appellant] in zijn stellingen op dit punt in zoverre volgen dat de indeling van het muziekgebruik in categorie B van het TMA en de wijze van berekening op de looppaden niet geheel aansluit bij het in de folders door Buma uiteengezette tariefbeleid. Echter, ook hier deelt het hof niet de door [appellant] daaraan verbonden conclusie dat dit dus betekent dat Buma een ander tarief had moeten toepassen en door dit niet te doen tekort is geschoten in de uitoefening van haar taak jegens [appellant] . Daarmee wordt immers de bijzondere positie/taak van Buma als CBO miskend.
allemuziekpaden en
alhet muziekgebruik in de parken heeft geïncasseerd en heeft afgerekend met [appellant] . De verwijten van [appellant] op dit punt alsook de daarmee verband houdende vorderingen zien op de consequenties daarvan voor de met hem af te rekenen vergoedingen in verband met de omvang van het feitelijk muziekgebruik. Gelet hierop wordt dit deel van de grieven begrepen als betrekking hebbende op de repartitie en hierna onder 3.5 behandeld. Hetzelfde geldt voor grief 5 betrekking hebbende op de duur van het berekende muziekgebruik in de Efteling (9 maanden in plaats van 12 maanden).