Uitspraak
mr. P.D. Olden, kantoorhoudende te Amsterdam,
mr. D.J.F.F.M. Duynstee,
mr. T. Drenthen
mr. C. Spierings, allen kantoorhoudende te Amsterdam,
mr. W.H.A.M. van den Muijsenberghen
mr. B. Verkerk, beiden kantoorhoudende te Rotterdam.
Gerechtshof Amsterdam
In deze zaak heeft de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam op 8 januari 2020 een beschikking gegeven in een lopende enquêteprocedure tegen de besloten vennootschap Delco Participation B.V. De procedure betreft een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Delco vanaf 1 januari 2015. Eerder waren mr. W.J.M. van Andel en mr. K. Rutten benoemd als onderzoekers, waarbij Rutten later verzocht werd ontheffing te krijgen vanwege het terugkeren van Van Andel uit het buitenland.
Daarnaast was het maximale bedrag dat het onderzoek mocht kosten reeds verhoogd van €50.000 naar €130.000 exclusief btw. De onderzoekers verzochten vervolgens een verdere verhoging tot €185.000 exclusief btw. De Ondernemingskamer stelde partijen in de gelegenheid om zich hierover uit te laten, maar behalve Delco, die geen bezwaar maakte, werd geen reactie ontvangen.
De Ondernemingskamer oordeelde dat noch ontheffing van Rutten noch verhoging van het budget onredelijk was en wees de verzoeken toe. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en bevestigd dat Rutten uit zijn functie als onderzoeker wordt ontheven en het onderzoeksbudget wordt verhoogd tot €185.000 exclusief btw.
Uitkomst: Ontheffing van mr. K. Rutten als onderzoeker en verhoging van het maximale onderzoeksbudget tot €185.000 exclusief btw.