ECLI:NL:GHAMS:2020:3056
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Wijziging kinderalimentatie wegens gewijzigde draagkracht man vanaf 2013
Het geschil betreft een verzoek van de man tot wijziging van de kinderbijdrage die hij aan de vrouw moet betalen voor hun drie kinderen. De man stelt dat zijn draagkracht sinds 2013 aanzienlijk is verminderd door een ongeluk waardoor hij niet meer kon werken. Het hof beoordeelt dit verzoek op grond van artikel 1:401 lid 1 BW Pro, dat wijziging van alimentatie mogelijk maakt bij gewijzigde omstandigheden.
De rechtbank had het verzoek van de man afgewezen, maar het hof vernietigt deze beschikking en stelt de draagkracht van de man vast op basis van zijn netto besteedbaar inkomen in de jaren 2013 tot en met 2019. De draagkracht wordt berekend met een formule waarbij woonlasten en andere lasten worden afgetrokken, resulterend in een draagkracht van €50 per maand voor de man.
De draagkracht van de vrouw wordt ook berekend en vastgesteld op €106 per maand. Omdat de behoefte van de kinderen hoger is dan de gezamenlijke draagkracht, dient de man zijn volledige draagkracht in te zetten voor de kosten van verzorging en opvoeding. Het hof verdeelt de alimentatiebedragen over de kinderen, rekening houdend met meerderjarigheid en het feit dat een kind sinds juli 2020 bij de man woont. De alimentatiebedragen worden aangepast en het hof wijst het overige verzoek af.
Uitkomst: Het hof wijzigt de kinderalimentatie met ingang van 1 januari 2013 naar €50 per maand vanwege gewijzigde draagkracht van de man.