ECLI:NL:GHAMS:2020:3437
Gerechtshof Amsterdam
- Wraking
- A.M. van Amsterdam
- M.J.G.B. Heutink
- J.F. Aalders
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek in hoger beroep omgangsregeling minderjarige kinderen
Verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen de raadsheren van het gerechtshof Amsterdam die betrokken waren bij haar hoger beroep over de omgangsregeling met haar vier minderjarige kinderen. Zij stelde dat de raadsheren vooringenomen waren vanwege het niet uitluisteren van usb-opnames, het niet horen van haar jongste kinderen en het gebrek aan gelegenheid om haar standpunten volledig naar voren te brengen tijdens de zitting.
De raadsheren weerlegden deze beschuldigingen en gaven aan dat verzoekster ruimschoots de gelegenheid had gekregen om haar standpunt toe te lichten, dat de usb-sticks vooraf waren uitgeluisterd en dat het niet horen van kinderen jonger dan 12 jaar een algemeen uitgangspunt is. De wrakingskamer oordeelde dat de indruk van vooringenomenheid bij verzoekster berustte op een misverstand en dat er geen objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid bestond.
De wrakingskamer benadrukte dat wraking niet kan worden ingezet als middel tegen onwelgevallige beslissingen en dat de zittingscombinatie geen aanleiding gaf tot het vermoeden van partijdigheid. Het verzoek tot wraking werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de raadsheren is afgewezen wegens het ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.