Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.[X] ,
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
Hypothecaire geldlening die de marktwaarde overstijgt
3.De beoordeling
winstvan € 60.000 per jaar valt niet te rijmen met de verstrekte
omzetgegevens van de v.o.f., die minimaal twee vennoten heeft, over de maanden september en oktober 2007 van circa € 7.500 per maand en dat moet ELQ als professionele kredietverlener ook duidelijk zijn geweest. Daarbij is van belang dat ELQ meerdere aanvragen van [X] had binnengekregen met wisselende bedragen aan inkomsten en dat haar bekend was dat [X] moeite had met de begrippen omzet en winst. De hypothecaire geldleningen van ELQ zijn speciaal bedoeld voor personen in bijzondere situaties en met een navenant hoger risicoprofiel, waardoor zij in de regel niet terecht kunnen bij reguliere verstrekkers van hypothecair krediet. Vanwege hun hoger risicoprofiel brengt zij die personen een hoger rentepercentage in rekening. Ook [X] c.s. moesten een hoger rentepercentage betalen. Het door ELQ onderkende hogere risicoprofiel van [X] c.s. is geen excuus voor het niet doen van nader onderzoek, maar maakt het juist des te noodzakelijker dat ELQ nader onderzoek deed naar hun kredietwaardigheid. Voor zover ELQ anders betoogt gaat het hof daaraan voorbij.
condicio sine qua non-verbandverband bestaat. ELQ is dus aansprakelijk.
.Verder is van belang dat de onderzoeksplicht van ELQ los staat van de inkomsten die [X] c.s. hebben opgegeven. Bijgevolg kan ELQ niet ter verontschuldiging een beroep doen op die voor haar kenbare onjuiste winstopgave. Verder is van belang dat ELQ de geldlening ook op basis van de verstrekte inkomstengegevens niet had mogen verstrekken. In zoverre faalt ook grief 3 in incidenteel appel die strekt ten betoge dat minimaal 75% van de schade voor rekening van [X] c.s. moet blijven.