ECLI:NL:GHAMS:2020:3915
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van diefstal schoudertas met contant geld
Op 29 november 2015 deed de benadeelde aangifte van diefstal van haar schoudertas met daarin €7.000 in Amsterdam. Zij verklaarde dat zij door drie mannen werd beroofd, die in een auto met een bepaald kenteken vluchtten. Ongeveer vijf kwartier later werd deze auto gesignaleerd en werden verdachte en medeverdachten aangehouden.
Hoewel het uiterlijk van verdachte en een medeverdachte overeenkwam met het signalement en grote contante geldbedragen werden aangetroffen, legden zij wisselende en tegenstrijdige verklaringen af. Ook de benadeelde en getuige gaven wisselende verklaringen die niet werden ondersteund door onafhankelijk bewijs.
Het hof oordeelde dat ondanks aanwijzingen onvoldoende zekerheid bestaat over wat zich precies heeft afgespeeld, waardoor het tenlastegelegde niet wettig en overtuigend is bewezen. Daarom sprak het hof verdachte vrij. De schadevordering van €7.000 werd afgewezen omdat de verdachte niet schuldig is bevonden. De vordering tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf werd eveneens afgewezen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van diefstal en schadevordering wordt afgewezen.