ECLI:NL:GHAMS:2020:4037

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
9 december 2020
Publicatiedatum
26 januari 2022
Zaaknummer
23-003929-19
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 OpiumwetArt. 10 OpiumwetArt. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c Sr
Verwijzingen
9 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep op veroordeling wegens overtreding Opiumwet en belediging ambtenaar

In deze zaak stond verdachte terecht voor opzettelijk handelen in strijd met artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet en meervoudige eenvoudige belediging van een ambtenaar tijdens diens rechtmatige bediening. De feiten vonden plaats in juni en september 2019 te Amsterdam.

Het hof vernietigde het eerdere vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier weken, waarvan twee weken voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Tevens wees het hof de vordering van de officier van justitie af tot tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde werkstraf en jeugddetentie.

De straf is opgelegd met het oog op de ernst van de feiten en de omstandigheden van de verdachte, waarbij het hof rekening hield met de recidive en de noodzaak van een afschrikwekkend effect. De proeftijd betekent dat de voorwaardelijke straf alsnog kan worden omgezet in een onvoorwaardelijke gevangenisstraf bij nieuw strafbaar gedrag binnen twee jaar.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vier weken gevangenisstraf, waarvan twee weken voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 13-160079-19, 13-234126-19 (gevoegd) en 13-202454-17 (TUL)
parketnummer hoger beroep : 23-003929-19
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van
9 december 2020gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 24 oktober 2019 in de zaak tegen de verdachte:
naam:
[verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 2001 te [geboorteplaats]
adres: [adres].

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het in de zaak met parketnummer 13-160079-19 bewezenverklaarde levert op:
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet gegeven verbod.
Het in de zaak met parketnummer 13-234126-19 bewezenverklaarde levert op:
eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, meermalen gepleegd.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet en de artikelen 14a, 14b, 14c, 57, 63, 266 en 267 van het Wetboek van Strafrecht.
Deze wettelijke voorschriften worden toegepast zoals geldend ten tijde van het bewezenverklaarde.
gepleegd
in de zaak met parketnummer 13-160079-19
op 13 juni 2019 te Amsterdam;
en in de zaak met parketnummer 13-234126-19
op 30 september 2019 te Amsterdam.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) weken.
Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot
2 (twee) weken, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Wijst af de vordering van de officier van justitie in het arrondissement te Amsterdam van 5 juli 2019, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Amsterdam van 9 januari 2018 met parketnummer 13-202454-17 voorwaardelijk opgelegde werkstraf van 50 uren subsidiair 25 dagen jeugddetentie.
Gewezen door mr. S.M.M. Bordenga, in bijzijn van M.E. de Waard, griffier.
mr. S.M.M. Bordenga