ECLI:NL:GHAMS:2021:1102
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in hoger beroep wegens intrekking
De verdachte was in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de politierechter te Amsterdam van 28 januari 2019. Tijdens de zitting van het hof op 12 maart 2021 heeft de raadsman van de verdachte meegedeeld dat het hoger beroep is ingetrokken en dat de verdachte geen grieven meer heeft tegen het vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal tot niet-ontvankelijkverklaring op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. Gezien het ontbreken van enig rechtens te respecteren belang bij voortzetting van het hoger beroep, verklaart het hof de verdachte niet-ontvankelijk.
Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam en uitgesproken op 12 maart 2021. Hiermee komt een einde aan de procedure in hoger beroep zonder inhoudelijke behandeling van de zaak.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens intrekking.