ECLI:NL:GHAMS:2021:1256
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toestemming voor verhuizing en schoolinschrijving van minderjarige na scheiding
De zaak betreft een geschil tussen gescheiden ouders over de verhuizing van hun minderjarige dochter naar een andere plaats en de inschrijving op een basisschool daar. De moeder verzocht om vervangende toestemming voor deze verhuizing en schoolkeuze, nadat de rechtbank dit had afgewezen. De vader verzette zich tegen de verhuizing vanwege de impact op de zorgregeling en het contact met zijn dochter.
Het hof weegt het belang van het kind als eerste, maar erkent ook het belang van de moeder en haar nieuwe gezinssituatie. De moeder heeft aannemelijk gemaakt dat de huidige woning te klein is en dat de nieuwe woning in de andere plaats beter aansluit bij de gezinsbehoeften, mede door thuiswerken en gezinsuitbreiding. De vader stelt dat er voldoende alternatieven in de huidige woonplaats zijn, maar het hof acht het budget en de woningmarkt krapper dan de vader veronderstelt.
De Raad voor de Kinderbescherming adviseert dat de verhuizing niet schadelijk is voor het kind en dat het contact met de vader kan worden voortgezet. Het hof concludeert dat de belangen van de moeder en het gezin zwaarder wegen dan die van de vader en verleent de vervangende toestemming. De zorgregeling wordt aangepast zodat het contact met de vader behouden blijft, met wisselende weekenden en een vaste vrijdagmiddag tot zaterdagochtend regeling.
Uitkomst: De moeder krijgt vervangende toestemming om met haar dochter naar een andere plaats te verhuizen en haar daar in te schrijven op een basisschool, met een aangepaste zorgregeling.