ECLI:NL:GHAMS:2021:1316

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
6 mei 2021
Publicatiedatum
6 mei 2021
Zaaknummer
23-000070-21
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 onder A OpiumwetArt. 422 lid 2 Sv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep wegens invoer van 5,2 kg cocaïne op Schiphol

In hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis deels vernietigd vanwege een aangepaste bewezenverklaring. Het hof acht bewezen dat verdachte op 24 september 2020 op Schiphol 5219,8 gram cocaïne opzettelijk binnen Nederland heeft gebracht.

Het hof heeft het bewijs gemotiveerd aangevuld en gecorrigeerd, met name de hoeveelheden cocaïne in het proces-verbaal van onderzoek verdovende middelen. Daarnaast is een aanvullende bewijsoverweging toegevoegd over het verzoek van verdachte om berichten te wissen, dat al op de luchthaven in Suriname plaatsvond.

Voor het overige bevestigt het hof het vonnis van de rechtbank en spreekt verdachte vrij van hetgeen meer of anders tenlastegelegd was. De uitspraak is gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 6 mei 2021.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld voor het opzettelijk invoeren van 5219,8 gram cocaïne op Schiphol en vrijgesproken van overige tenlasteleggingen.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-000070-21
datum uitspraak: 6 mei 2021
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland (locatie Haarlem) van 5 januari 2021 in de strafzaak onder parketnummer
15-240690-20 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] (Curaçao) op [geboortedag] 1963,
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
thans gedetineerd in PI Zuid Oost - HvB Ter Peel Evertsoord te Evertsoord.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 22 april 2021 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een iets andere bewezenverklaring komt. Voor het overige zal het hof het vonnis bevestigen, met dien verstande dat het hof de bewijsmotivering zal aanvullen en een bewijsmiddel zal verbeteren.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:
zij op 24 september 2020 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer opzettelijk binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht 5219,8 gram cocaïne
Hetgeen meer of anders is tenlastegelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

Verbetering van bewijsmiddel

Het hof zal het tweede bewijsmiddel, te weten het proces-verbaal van onderzoek verdovende middelen van 24 september 2020 op pagina 6 en 7 van het vonnis als volgt aanpassen.
Totaal aangetroffen vermoedelijke cocaïne:
A = 1023,3 gram netto
B = 1797,0 gram netto
C = 1207,8 gram netto
D = 1197,7 gram netto
Totaal: 5219,8 gram netto
wordt:
Totaal aangetroffen vermoedelijke cocaïne:
A = 1023,3 gram netto
B = 1797,0 (
het hof begrijpt: 1791,0) gram netto
C = 1207,8 gram netto
D = 1197,7 gram netto
Totaal: 5219,8 gram netto

Aanvulling bewijsoverweging

Het hof vult de bewijsoverweging op p. 2 van het vonnis na de zin “Op de telefoon (…) te wissen” aan met de zin: Een dergelijk verzoek om berichten te wissen, had de verdachte blijkens haar verklaring bij de politie op p. 33 ook al gekregen toen zij nog op de luchthaven in Suriname was nadat ze haar koffer al had ingecheckt.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep voor wat betreft de bewezenverklaring:
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. C.J. van der Wilt, mr. M.L. Leenaers en mr. M.M. Breugem, in tegenwoordigheid van mr. E.C. Damo, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 6 mei 2021.
Mr. C.J. van der Wilt is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.