ECLI:NL:GHAMS:2021:1514
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging onderbewindstelling wegens onvermogen vermogensrechtelijke belangen door lichamelijke/geestelijke toestand
De betrokkene is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de kantonrechter die zijn goederen onder bewind stelde wegens zijn lichamelijke en geestelijke toestand. Hij betwist dat aan de wettelijke gronden voor onderbewindstelling is voldaan en verzoekt vernietiging van de beschikking of beëindiging van het bewind.
Tijdens de zitting is gebleken dat de betrokkene recentelijk is verhuisd en opgenomen is geweest op de psychiatrische afdeling van een universitair medisch centrum na een poging tot zelfdoding. Hij verblijft momenteel vrijwillig op de ouderenafdeling van het ziekenhuis. De nieuwe bewindvoerder is benoemd vanwege zijn verhuizing.
De vertegenwoordiger van de bewindvoerder heeft toegelicht dat de betrokkene ambivalent is in zijn keuzes en hulp nodig heeft bij praktische zaken, zoals het beheer van zijn pinpas en financiën. De betrokkene erkent enige hulp nodig te hebben, maar vindt dat mentorschap voldoende is en voelt zich misleid over de onderbewindstelling.
Het hof stelt vast dat de betrokkene niet in staat is zijn vermogensrechtelijke belangen behoorlijk waar te nemen door zijn lichamelijke en geestelijke toestand. De kantonrechter heeft dit op goede gronden vastgesteld. Daarom bekrachtigt het hof de onderbewindstelling en wijst het het verzoek tot vernietiging of beëindiging af.
Uitkomst: De onderbewindstelling van de betrokkene wordt bekrachtigd wegens zijn onvermogen zijn vermogensrechtelijke belangen behoorlijk waar te nemen.