Uitspraak
mr. J. du Boiste Amsterdam,
mr. R.K. Uppalte Amsterdam, thans geschrapt van het tableau.
Gerechtshof Amsterdam
Partijen, ouders van een minderjarige, zijn in geschil over de nakoming van een door de rechtbank vastgestelde zorgregeling. De rechtbank had bepaald dat de minderjarige in de week dat de vader niet werkt, van vrijdag na school tot maandag bij de vader verblijft. De vrouw verzette zich tegen onmiddellijke uitvoering en stelde dat de regeling stapsgewijs moest worden opgebouwd.
De voorzieningenrechter wees de vordering van de man tot nakoming toe en legde een dwangsom op wegens de onduidelijkheid en strubbelingen bij de eerste omgangsweekend. De vrouw stelde in hoger beroep alleen nog bezwaar tegen de dwangsom, terwijl zij haar overige grieven introk.
Het hof oordeelde dat de vrouw onvoldoende bereidheid toonde tot nakoming en overleg, ondanks het ontbreken van contra-indicaties voor uitbreiding van de zorgregeling. De strubbelingen rondom het eerste weekend waren betreurenswaardig maar niet doorslaggevend. Het hof bekrachtigde het vonnis en veroordeelde de vrouw in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de vrouw veroordeelt tot nakoming van de zorgregeling met oplegging van een dwangsom.