ECLI:NL:GHAMS:2021:2037
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in hoger beroep wegens ontbreken grieven
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 10 juni 2021 uitspraak gedaan in het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter te Amsterdam van 19 augustus 2019. De verdachte, zonder bekende woon- of verblijfplaats, had hoger beroep ingesteld tegen het vonnis in meerdere strafzaken.
Het hof heeft vastgesteld dat de verdachte of zijn vertegenwoordiging geen schriftelijke grieven heeft ingediend en ook geen mondelinge bezwaren heeft opgegeven tegen het vonnis. Daarnaast is gebleken dat er geen rechtens te respecteren belang bestaat bij het doen van verder onderzoek in deze zaak.
Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering heeft het hof de verdachte daarom niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Dit betekent dat het hoger beroep niet inhoudelijk wordt behandeld en het vonnis van de politierechter in stand blijft.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven en belang.