ECLI:NL:GHAMS:2021:2038
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak diefstal poststukken wegens onvoldoende betrouwbaar bewijs herkenning verdachte
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter waarin verdachte was veroordeeld voor diefstal van poststukken en pakketten in Amsterdam op circa 20 april 2018.
De tenlastelegging betrof het wegnemen van goederen die toebehoorden aan een ander met het oogmerk zich deze wederrechtelijk toe te eigenen. Het bewijs tegen verdachte was uitsluitend gebaseerd op herkenningen door twee politieambtenaren aan de hand van beelden en afbeeldingen.
Het hof oordeelde dat de herkenningen onvoldoende betrouwbaar waren. De eerste verbalisant baseerde zijn herkenning op een afbeelding van matige tot slechte kwaliteit waarop slechts de zijkant van het gezicht zichtbaar was, deels bedekt door een petje. De tweede verbalisant herkende verdachte op bewegende beelden van goede kwaliteit, maar het was onduidelijk hoe goed hij verdachte kende of hoe vaak zij contact hadden gehad.
Gezien deze onzekerheden achtte het hof het bewijs onvoldoende wettig en overtuigend. Daarom sprak het hof verdachte vrij van het ten laste gelegde. Tevens verklaarde het hof het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere gevangenisstraf.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende betrouwbaar bewijs van diefstal.