ECLI:NL:GHAMS:2021:2081
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- J.F. Miedema
- J. Jonkers
- J.A. van Keulen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbreken advocaat
De vrouw kwam op 15 oktober 2020 in hoger beroep tegen een beschikking van de rechtbank Amsterdam van 31 augustus 2020, zonder tussenkomst van een advocaat. Het hof stelde haar bij brief van 5 november 2020 in de gelegenheid dit te herstellen door het beroepschrift alsnog door een advocaat te laten ondertekenen, maar zij reageerde niet binnen de gestelde termijn.
Vervolgens stelde het hof haar opnieuw in de gelegenheid via een aangetekende brief van 29 maart 2021, met een termijn tot 14 april 2021, maar ook nu bleef reactie uit. De brief kwam retour, maar het hof oordeelde dat de vrouw voldoende gelegenheid had gehad en dat de brieven correct waren verzonden naar het bij het hof bekende adres.
Op grond van artikel 359 jo Pro. 278 lid 3 Rv dient een beroepschrift door een advocaat te zijn ondertekend. Omdat de vrouw dit niet heeft nageleefd en het verzuim niet heeft hersteld, verklaarde het hof haar hoger beroep niet-ontvankelijk. De zaak werd schriftelijk afgedaan zonder mondelinge behandeling.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep van de vrouw niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een advocaat bij het indienen van het beroepschrift en het niet herstellen van dit verzuim.