Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland inzake een verkeersongeval waarbij de verdachte zich schuldig maakte aan het veroorzaken van zwaar lichamelijk letsel door zeer onvoorzichtig rijgedrag binnen de bebouwde kom met hoge snelheid. De rechtbank had een taakstraf van 160 uur, 80 dagen hechtenis en een onvoorwaardelijke rijontzegging van 12 maanden opgelegd.
Het hof bevestigde het vonnis grotendeels, maar vernietigde de strafoplegging voor herziening. Het hof hield rekening met de ernst van het feit en omstandigheden zoals het rijden in een geleende auto, het donker, een wegversmalling met zebrapad en het verlies van de macht over het stuur, wat leidde tot schade aan lantaarnpalen, bomen en zwaar letsel bij een inzittende.
De strafmotivering verwees naar de oriëntatiepunten voor verkeersongevallen met zwaar letsel en ernstige schuld, waarbij een taakstraf van 160 uur en een rijontzegging van 12 maanden passend zijn. Het hof volgde de eis van de advocaat-generaal voor een lagere, deels voorwaardelijke rijontzegging van 6 maanden met een proeftijd van 2 jaar, gezien de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, waaronder baanverlies en herstel van werk als ZZP-schilder.
De taakstraf van 160 uur bleef ongewijzigd, de rijontzegging werd deels voorwaardelijk opgelegd om de verdachte te stimuleren op het rechte pad te blijven en zijn werkzaamheden te kunnen hervatten. Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het hof op 6 augustus 2021.