Uitspraak
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Vonnis waarvan beroep
Bewijsmiddelen
Oplegging van straf
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
12 (twaalf) maanden.
Gerechtshof Amsterdam
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam waarin verdachte was veroordeeld voor zware mishandeling met een scherp voorwerp. De verdachte had het slachtoffer in het gezicht geslagen, wat resulteerde in letsel aan het oog en een litteken in het gezicht. Het hof verklaarde verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep tegen een eerdere vrijspraak en bevestigde het vonnis, behalve ten aanzien van de opgelegde straf en TBS-maatregel.
De rechtbank had een gevangenisstraf van zes maanden en TBS met dwangverpleging opgelegd, maar het hof vernietigde deze straf en maatregel en legde een gevangenisstraf van twaalf maanden op. De TBS-maatregel werd niet opgelegd omdat deskundigen concludeerden dat verdachte volledig toerekeningsvatbaar was ten tijde van het delict. De psychologische en psychiatrische rapportages wezen op een antisociale persoonlijkheidsstoornis met narcistische trekken, maar zonder vermindering van wilsvrijheid.
Het hof nam ook de negatieve ervaringen van de reclassering mee, waaronder het niet naleven van voorwaarden en het niet meewerken aan hulpverlening. Verdachte was eerder onherroepelijk veroordeeld voor geweldsmisdrijven, wat zwaar meewoog. De afwezigheid van verdachte tijdens de zitting versterkte het oordeel dat hij niet had laten zien zijn leven te willen beteren. De opgelegde straf werd verminderd met de duur van het voorarrest. Het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot twaalf maanden gevangenisstraf zonder TBS-maatregel wegens zware mishandeling met een scherp voorwerp.