ECLI:NL:GHAMS:2021:3184
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep wegens niet-handhaving bezwaren
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van verdachte tegen het vonnis van de politierechter van 24 augustus 2020. Tijdens de procedure gaf de raadsman van de verdachte aan dat verdachte het hoger beroep niet wenst te handhaven, waardoor hij geacht wordt zijn bezwaren tegen het vonnis niet langer te handhaven.
De advocaat-generaal had verzocht om niet-ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep op grond van artikel 416, tweede lid, Wetboek van Strafvordering. Het hof heeft vastgesteld dat er geen rechtens te respecteren belang is bij voortzetting van het hoger beroep.
Daarom verklaart het hof de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep en wordt het hoger beroep niet verder inhoudelijk behandeld. Dit arrest is uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 1 juni 2021.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens niet-handhaving van bezwaren.