In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 26 mei 2021 bevestigd, waarin verdachte werd veroordeeld wegens handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie (WWM).
Het hof heeft het dossier en de pleidooien van de advocaat-generaal en de raadsman van verdachte bestudeerd. De advocaat-generaal vorderde bevestiging van de opgelegde straffen. Het hof sluit zich hierbij aan en bevestigt het vonnis, met een aanvulling op de motivering omtrent het beslag.
Op de beslaglijst van 17 juni 2021 staan een pistool, een patroon en een geldbedrag van €12.900,-. De rechtbank had geen beslissing genomen over het beslag op het geldbedrag. Het hof stelt vast dat het bewezen feit niet is begaan met het in beslag genomen geld, en gelast de teruggave van het volledige bedrag aan verdachte.
Het arrest is uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 5 oktober 2021.