ECLI:NL:GHAMS:2021:3703

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
14 oktober 2021
Publicatiedatum
29 november 2021
Zaaknummer
200.283.186/01 OK
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2:350 lid 3 BWArt. 2:354 BWArt. 2:355 lid 1 BWArt. 2:355 lid 2 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vaststelling vergoeding onderzoeker in onderzoek naar beleid Omines Services B.V.

De Ondernemingskamer Amsterdam behandelde een geschil tussen MBH B.V. (verzoekster), Omines Services B.V. (verweerster) en NKH B.V. (belanghebbende) over de vergoeding van een onderzoeker die een onderzoek verrichtte naar het beleid en de gang van zaken van Omines Services vanaf 1 januari 2013.

Na eerdere beschikkingen waarbij het onderzoek werd bevolen en de onderzoeker werd benoemd, stelde de Ondernemingskamer het maximale budget voor het onderzoek vast op €12.500 exclusief omzetbelasting. De onderzoeker diende een einddeclaratie in van €13.806,40, maar stemde in met een vergoeding van €12.500.

Partijen stemden in met dit bedrag. MBH verzocht daarnaast NKH te veroordelen in de onderzoekskosten of het door MBH voorgeschoten bedrag te vergoeden indien Omines Services niet in staat zou zijn deze kosten te voldoen. De Ondernemingskamer stelde de vergoeding vast op €12.500 en hield de behandeling van het verzoek tot veroordeling aan tot de termijn van artikel 2:355 lid 2 BW Pro was verstreken.

Uitkomst: De vergoeding van de onderzoeker wordt vastgesteld op €12.500 exclusief omzetbelasting en de behandeling van het verzoek tot veroordeling in onderzoekskosten wordt aangehouden.

Uitspraak

beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.283.186/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 14 oktober 2021
inzake
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
MBH B.V.,
gevestigd te Veldhoven,
VERZOEKSTER,
advocaat:
mr. A.A. Leroux, kantoorhoudende te Eindhoven,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
OMINES SERVICES B.V.,
gevestigd Eindhoven,
VERWEERSTER,
advocaat:
mr. H.J.M. Smelt, kantoorhoudende te Eindhoven,
e n t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
NKH B.V.,
gevestigd Veldhoven,
BELANGHEBBENDE,
advocaat:
mr. H.J.M. Smelt, kantoorhoudende te Eindhoven.

1.Het verloop van het geding

1.1
In het vervolg zullen partijen (ook) als volgt worden aangeduid:
  • verzoekster als MBH;
  • verweerster als Omines Services;
  • belanghebbende als NKH;
  • verweerster en belanghebbende gezamenlijk als Omines Services c.s.
1.2
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 19 januari 2021, 8 maart 2021 en 5 oktober 2021.
1.3
Bij de eerste beschikking van 19 januari 2021 heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Omines Services over de periode vanaf 1 januari 2013 en een nader door de Ondernemingskamer aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten. Diezelfde dag heeft de Ondernemingskamer bij de tweede beschikking drs. E.A. Marseille RA aangewezen als onderzoeker.
1.4
Bij beschikking van 8 maart 2021 heeft de Ondernemingskamer het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vastgesteld op € 12.500, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen.
1.5
Op 1 oktober 2021 heeft de onderzoeker het verslag met bijlagen van het in 1.3 bedoelde onderzoek aan de Ondernemingskamer doen toekomen. Met het oog op de vaststelling van haar vergoeding heeft de onderzoeker bij e-mail van 4 oktober 2021 een einddeclaratie met daarbij een specificatie van de aan het onderzoek bestede uren gevoegd. Deze specificatie sluit op een bedrag van € 13.806,40. De onderzoeker heeft laten weten genoegen te nemen met vaststelling van de vergoeding op € 12.500, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen.
1.6
Bij de beschikking van 5 oktober 2021 heeft de Ondernemingskamer bepaald dat het op die dag ter griffie neergelegde verslag met bijlagen van het onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Omines Services ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden en zijn partijen in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de door de Ondernemingskamer te bepalen vergoeding van de onderzoeker.
1.7
Bij e-mail aan de Ondernemingskamer van 12 oktober 2021 heeft mr. Smelt namens Omines Services c.s. laten weten zich te kunnen verenigen met het bedrag dat door de onderzoeker in rekening is gebracht.
1.8
Bij akte met producties van 12 oktober 2021 heeft mr. Leroux namens MBH bericht dat MBH geen bezwaar heeft tegen het bedrag dat door de onderzoeker in rekening is gebracht en heeft MBH de Ondernemingskamer verzocht NKH te veroordelen in de onderzoekskosten althans NKH te verplichten het door MBH voorgeschoten bedrag van de onderzoekskosten te vergoeden indien blijkt dat Omines Services niet bij machte is de onderzoekskosten te voldoen.

2.De gronden van de beslissing

2.1
Nu de door de onderzoeker verzochte vergoeding van € 12.500, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen, het onderzoeksbudget niet overschrijdt, tegen het verzoek geen bezwaren zijn ontvangen en het verzoek de Ondernemingskamer niet onredelijk voorkomt, zal zij de vergoeding van de onderzoeker overeenkomstig artikel 2:350 lid 3 BW Pro vaststellen op het bedrag van € 12.500, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen.
2.2
MBH heeft verzocht NKH te veroordelen in de onderzoekskosten op de voet van artikel 2:354 BW Pro, althans NKH te verplichten het door MBH voorgeschoten bedrag van de onderzoekskosten te vergoeden indien blijkt dat Omines Services niet bij machte is de onderzoekskosten te voldoen. Nu de termijn als bedoeld in artikel 2:355 lid 2 BW Pro nog niet is verstreken, ziet de Ondernemingskamer aanleiding om de behandeling van het verzoek van MBH bedoeld onder 1.8 aan te houden. Indien binnen de termijn een verzoek als bedoeld in artikel 2:355 lid 1 BW Pro wordt gedaan kan het verzoek om NKH te veroordelen in de onderzoekskosten, althans NKH te verplichten het door MBH voorgeschoten bedrag van de onderzoekskosten te vergoeden, gelijktijdig worden behandeld. Indien geen verzoek als bedoeld in artikel 2:355 lid 1 BW Pro wordt gedaan zal de Ondernemingskamer Omines Services c.s. alsnog in de gelegenheid stellen om op het onder 1.8 genoemde verzoek van MBH te reageren.

3.De beslissing

De Ondernemingskamer:
bepaalt de vergoeding van de onderzoeker op € 12.500, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen;
verklaart deze beschikking in zoverre uitvoerbaar bij voorraad;
houdt de behandeling van het verzoek van MBH bedoeld onder 1.8 aan totdat de in artikel 2:355 lid 2 BW Pro bedoelde termijn is verstreken.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.W.H. Vink, voorzitter, mr. A.J. Wolfs en mr. J.M. de Jongh, raadsheren, en prof. dr. M.N. Hoogendoorn RA en drs. V.G. Moolenaar, raden, in tegenwoordigheid van mr. M.A. Sterk, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 14 oktober 2021.