ECLI:NL:GHAMS:2021:3850
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- A.W.T. Klappe
- F.A. Hartsuiker
- V.M.A. Sinnige
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen vergoeding kosten rechtsbijstand in strafzaak
Het hoger beroep is ingesteld tegen een beschikking van de raadkamer van de rechtbank Amsterdam waarin een verzoek tot vergoeding van kosten in verband met rechtsbijstand en andere gemaakte kosten in een strafzaak werd toegewezen. De strafzaak eindigde zonder strafoplegging of maatregel.
De rechtbank had de toegekende vergoeding verrekend met een onherroepelijke strafbeschikking waarbij appellant een geldsom aan de Staat moest betalen. Het hof bevestigt dat deze verrekening verplicht is op grond van artikel 534 Sv Pro en dat de rechter hierin geen discretionaire bevoegdheid heeft.
Appellant voerde aan dat de vergoeding van kosten rechtsbijstand niet verrekend mocht worden omdat deze feitelijk aan de advocaat toekomt. Het hof oordeelt dat de beslissing van de rechtbank juist is en dat ook de vergoeding van kosten rechtsbijstand onder de verrekeningsplicht valt.
Ten aanzien van de vergoeding van kosten rechtsbijstand in de verzoekschriftprocedure in hoger beroep stelt het hof dat een afwijzing van het onderliggende verzoek geen automatische afwijzing van deze kostenvergoeding inhoudt. Echter, gelet op de duidelijke jurisprudentie en wetgeving bestaat geen grond voor billijkheid om deze kosten alsnog toe te kennen.
Het hof wijst het hoger beroep af en beveelt onverwijlde betekening van deze beschikking aan appellant.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en bevestigt de verplichte verrekening van de vergoeding met de opgelegde strafbeschikking.