ECLI:NL:GHAMS:2021:396

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
11 januari 2021
Publicatiedatum
16 februari 2021
Zaaknummer
23-001581-20
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 OpiumwetArt. 10 OpiumwetArt. 33 SrArt. 33a SrArt. 63 Sr
Verwijzingen
6 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep wegens handelen in strijd met artikel 2 onder B van de Opiumwet

In deze zaak stond de verdachte terecht voor het opzettelijk handelen in strijd met een verbod zoals gesteld in artikel 2 onder Pro B van de Opiumwet. Het incident vond plaats op 10 januari 2020 te Amsterdam. De politierechter had eerder een vonnis gewezen, waartegen hoger beroep werd ingesteld.

Het gerechtshof Amsterdam heeft het vonnis van de politierechter vernietigd en doet in deze uitspraak opnieuw recht. De verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes weken. Hierbij is rekening gehouden met de tijd die de verdachte reeds in voorarrest heeft doorgebracht, welke in mindering wordt gebracht op de opgelegde straf.

Daarnaast heeft het hof het inbeslaggenomen geldbedrag van € 250,- verbeurd verklaard. De wettelijke grondslag voor deze veroordeling is gelegen in de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet en de artikelen 33, 33a en 63 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze golden ten tijde van het bewezenverklaarde feit.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot zes weken gevangenisstraf en verbeurdverklaring van € 250,-

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 13-036159-20
parketnummer hoger beroep : 23-001581-20
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 11 januari 2021 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 25 juni 2020 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1987 te [geboorteplaats]
adres: [adres].

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:
opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet en de artikelen 33, 33a en 63 van het Wetboek van Strafrecht.
Deze wettelijke voorschriften worden toegepast zoals geldend ten tijde van het bewezenverklaarde.
Gepleegd op 10 januari 2020 te Amsterdam.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) weken.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Verklaart verbeurd het inbeslaggenomen goed, te weten een geldbedrag van € 250.
Gewezen door mr. M.F.J.M. de Werd, in bijzijn van mr A.S. de Bruin, griffier.
mr. M.F.J.M. de Werd