ECLI:NL:GHAMS:2021:410

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
22 januari 2021
Publicatiedatum
16 februari 2021
Zaaknummer
23-002835-19
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep rijden onder invloed

De verdachte is in hoger beroep gegaan tegen het vonnis van de politierechter in Amsterdam inzake rijden onder invloed. Het hof constateerde dat de verdachte of zijn raadsman geen grieven schriftelijk of mondeling heeft ingediend tegen het vonnis. Tevens bleek geen ander rechtens te respecteren belang aanwezig te zijn dat een onderzoek in hoger beroep zou rechtvaardigen.

Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering werd de verdachte daarom niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Er is geen inhoudelijke behandeling van de zaak geweest omdat het hof geen aanleiding zag om het vonnis te heroverwegen.

De beslissing werd genomen door het enkelvoudige hof van Amsterdam, waarbij mr. C.J. van der Wilt als rechter het arrest heeft gewezen, in aanwezigheid van de griffier mr. A.S. de Bruin.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven en belang.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 96-108470-19
parketnummer hoger beroep : 23-002835-19
VERSTEK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 22 januari 2021 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 11 juli 2019 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1997 te [geboorteplaats]
adres: [adres].

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Door of namens de verdachte is geen schriftuur houdende grieven ingediend. Evenmin zijn mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Ook overigens is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak. Om die reden wordt de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het ingestelde hoger beroep, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Gewezen door mr. C.J. van der Wilt, in bijzijn van mr A.S. de Bruin, griffier.
mr. C.J. van der Wilt