ECLI:NL:GHAMS:2021:4270
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring in hoger beroep wegens intrekking door verdachte
In deze strafzaak was tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland hoger beroep ingesteld door de verdachte. Tijdens de procedure heeft de verdachte op 14 december 2021 het hoger beroep ingetrokken middels een akte en een e-mailbericht aan het hof. Hierdoor heeft het hof geoordeeld dat de verdachte geen rechtens te respecteren belang meer heeft bij voortzetting van het hoger beroep.
Het hof heeft vervolgens de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. Er is geen aanleiding meer voor nader onderzoek of behandeling van de zaak in hoger beroep.
De uitspraak is gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 16 december 2021, waarbij mr. T. de Bont, H.M.J. Quaedvlieg en mr. A.M.P. Geelhoed zitting hadden. De griffier was aanwezig, maar mr. Geelhoed en de griffier konden het arrest niet medeondertekenen.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens intrekking van het hoger beroep.