Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
- [de vader] (hierna te noemen: de vader);
- de minderjarige [kind 1] (hierna te noemen: [kind 1] );
- de minderjarige [kind 2] (hierna te noemen: [kind 2] );
- de minderjarige [kind 3] (hierna te noemen: [kind 3] ).
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
5.De motivering van de beslissing
6.Beslissing
mr. J.W. van Zaane, in tegenwoordigheid van mr. M.S. de Boer als griffier, en is op 12 april 2022 in het openbaar uitgesproken door de voorzitter.