ECLI:NL:GHAMS:2022:1236
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing gevangenhouding wegens recidivegevaar bij handel cocaïne en witwassen
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van het Openbaar Ministerie tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam die de gevangenhouding van verdachte had afgewezen. De verdachte werd verdacht van betrokkenheid bij grootschalige handel in cocaïne en witwassen van grote geldbedragen over een lange periode.
Het hof nam kennis van de stukken en hoorde de advocaat-generaal en de verdachte met zijn raadsman. De raadsman verzocht mondeling om schorsing van de voorlopige hechtenis, maar het hof wees dit verzoek af. Het hof oordeelde anders dan de rechtbank en achtte recidivegevaar aanwezig, mede vanwege het gebruik van cryptotelefoons en het aantreffen van drie cryptotelefoons bij de aanhouding.
Het hof concludeerde dat er een gerede kans bestaat dat de verdachte zijn criminele activiteiten zal voortzetten. De persoonlijke belangen van de verdachte bij invrijheidstelling waren onvoldoende om het maatschappelijk belang bij voortzetting van de voorlopige hechtenis te laten wijken. Daarom vernietigde het hof de beschikking van de rechtbank, wees het hoger beroep van het OM toe en beval de gevangenhouding voor 90 dagen.
Uitkomst: Het hof beveelt gevangenhouding van verdachte voor 90 dagen wegens recidivegevaar.